top3.png

ARTIKEL BRABANTS DAGBLAD LOET DONKERS
Nieuws - Nieuws Algemeen
Geschreven door Brabants Dagblad   

Het onderstaande artikel was woensdag 22 december te lezen in het Brabants Dagblad:

 

NA ZEVEN JAAR VINDT DONKERS HET GENOEG

 

Door Tom van der Meer

Lith - Het lijkt traditie om voetbaltrainers na twee of drie jaar te ontslaan. Bij RKKSV in Kruisstraat gaat dat iets anders. Trainer Loet Donkers (60) is al bijna zeven jaar hoofdtrainer van het eerste elftal en de A-junioren. Toch komt er na dit seizoen ook een einde aan deze samenwerking.

Zes jaar ging het prima met het eerste elftal. Maar dit jaar staat het team in de onderste regionen van de vijfde klasse F. “Als je ergens te lang zit en het gaat goed, word je gemakzuchtig”, zegt Donkers. “Dan denk je dat het vanzelf gaat.” Maar dit seizoen gaat het allemaal niet vanzelf bij RKKSV. Er is een grote wisseling van de wacht gaande. Veel spelers stoppen of hebben blessures. Dan moet je een nieuw elftal opbouwen, wat heel verveld is in de loop van het seizoen. We hebben veel pech gehad en soms verdiend verloren. Op een gegeven moment voel je dat het niet opschiet. Als je wint, slaan ze je schouders kapot, maar als verliest, sta je als trainer alleen.” En dan is het tijd om het afscheid aan te kondigen. “Er was eerst nog even sprake dat we achtste jaar zouden ingaan, maar ik heb gezegd: ‘Jongens, dit schiet niet op’. Het heeft altijd met resultaten te maken. Ik zit al zo lang in het voetbal, dus ik heb het wel eens meer meegemaakt. Als je maar zorgt dat je op een goede manier uit elkaar gaat.” Was het dan niet nodig geweest om wat eerder te stoppen? “Dat denk ik niet. Ik had wat alerter moeten zijn. De jeugd had bijvoorbeeld eerder moeten doorstromen naar het tweede elftal.” Van tevoren had de oud-speler van FC Den Bosch en Ajax niet verwacht zo lang bij RKKSV te blijven. “Als ik als speler drie jaar onder de dezelfde trainer voetbalde, had ik het ook wel gehad.” Nu hij zelf trainer is, probeert hij te voorkomen dat zijn spelers ook zo gaan denken. “Ik laat af en toe iemand anders de training overnemen. Vorig jaar heeft mijn zoon, die zelf ook in het eerste speelt, bijvoorbeeld iedere week een training gegeven. Anders kennen de spelers je trainingen wel een keer.” Maar het voetbal blijft kriebelen. Rustig genieten van zijn nieuwe huis in Lith zit er dus voorlopig niet in. “Nu ik gestopt ben met werken, heb ik overdag niet veel meer. Ik wil dus wel wat doen in de voetballerij. Anders roest je vast op de bank”, lacht hij. “En komt er niks, dan zal ik het voetbal missen. Ook het gezeur en alles eromheen. Er is al belangstelling, maar of dat wat gaat worden ...” Hij is het voetbal nog niet beu. “Ik wil graag een club waar nog iets te halen is. Het zal wel iets in een dorp worden. Lekker, die gemoedelijkheid.”